CO₂-uitstoot en de uitdagingen in bedrijfsvoering

De casus en het probleem

Een logistiek bedrijf wil voldoen aan de steeds strengere Europese regelgeving rondom CO₂-uitstoot, zoals vastgelegd in het Europees Klimaatakkoord en de CSRD (Corporate Sustainability Reporting Directive). Tegen 2030 moet de uitstoot met 55% zijn verminderd en tegen 2050 netto nul bedragen. Het bedrijf stuit op de volgende uitdagingen:


  • Moeite met het berekenen en toewijzen van CO₂-emissies in complexe logistieke ketens.
  • Problemen met het verzamelen van consistente en betrouwbare data van onderaannemers en kleinere bedrijven.
  • Onzekerheid over hoe te voldoen aan gestandaardiseerde rapportages zoals ISO 14083 en CountEmissionsEU.


Een concreet voorbeeld is het toewijzen van CO₂-uitstoot aan specifieke ritten. Hierbij moeten directe emissies (Scope 1), emissies uit ingekochte energie (Scope 2), en indirecte emissies in de toeleveringsketen (Scope 3) worden meegenomen. Externe factoren zoals rijgedrag, weersomstandigheden en verkeersdrukte bemoeilijken deze berekeningen verder.

Wat ging er mis?


  1. Datakwaliteit en consistentie: Onderleveranciers rapporteren niet uniform, wat leidt tot inconsistente gegevens.
  2. Complexiteit van berekeningen: Handmatige toewijzingen waren tijdrovend en foutgevoelig.
  3. Geen zicht op externe factoren: Belangrijke variabelen zoals verkeersopstoppingen en inefficiënte planning werden niet meegenomen.
  4. Onvoldoende naleving van regelgeving: Gebrek aan gestandaardiseerde rapportages verhoogde het risico op boetes en reputatieschade.

Hoe los je het op?

  1. Gestandaardiseerde methodieken implementeren: Gebruik frameworks zoals ISO 14083 en de COFRET-methode voor consistente emissieberekeningen.
  2. Datakwaliteit verbeteren: Werk samen met onderaannemers en gebruik technologieën zoals sensoren en automatisering voor betrouwbare dataverzameling.
  3. Externe factoren simuleren: Integreer variabelen zoals verkeersdrukte, rijgedrag en weersomstandigheden in de berekeningen.
  4. Digitale tools inzetten: Gebruik een CO₂-dashboard voor realtime inzicht in energieverbruik, uitstoot en prestatie-indicatoren zoals de COFRET Prestatie Indicator (CPI).


Met deze oplossingen krijgt het bedrijf grip op zijn emissies en kan het voldoen aan de Europese regelgeving.


Wat hebben wij gedaan?


Wij hebben het bedrijf ondersteund met een gestructureerd traject dat inzicht, controle en naleving mogelijk maakte:


  • Kwaliteit en consistentie in data: Met behulp van ons systeem zijn gegevens uit verschillende bronnen geïntegreerd en emissieberekeningen gestandaardiseerd volgens ISO 14083.


  • Realtime simulaties: wij maakten het mogelijk om “wat-als-scenario’s” door te rekenen. Bijvoorbeeld: Wat gebeurt er met de CO₂-uitstoot als de beladingsgraad stijgt van 70% naar 85%?


  • Efficiënte rapportages: Het systeem genereerde direct rapporten die voldoen aan de CSRD- en CountEmissionsEU-vereisten, waardoor compliance eenvoudig werd.


  • Betrouwbare besluitvorming: Door simulaties kon het bedrijf beleidskeuzes evalueren. Bijvoorbeeld: Wat is de impact van overstappen op alternatieve brandstoffen?
19 maart 2026
In de land- en tuinbouw is gefaseerde bedrijfsoverdracht een veelgebruikte route. Een overdracht kan soms wel meer dan vijftien jaar duren. Tijdens dit traject kan het nodig zijn dat de opvolger zijn of haar onderneming inbrengt in een BV. In deze situaties blijft de opvolger het familiebedrijf voortzetten, alleen via een ei gen BV. Het ligt volgens LTO dan ook niet voor de hand dat de familievrijstelling hierdoor zou vervallen. De organisatie wijst er op dat de staatssecretaris van Financiën eerder heeft aangegeven dat, wanneer een opvolger ná afronding van de gefaseerde overdracht zijn onderneming in een BV inbrengt, de familievrijstelling behouden blijft. Beide routes leiden tot dezelfde materiële uitkomst en dan ligt het voor de hand dat ook de fiscale behandeling daarvan gelijk is, aldus LTO. In het huidige ‘kennisgroepstandpunt’ van de Belastingdienst vervalt de familievrijstelling echter wanneer de onderneming tijdens gefaseerde overdracht in een BV wordt ingebracht. De gevolgen hiervan in de praktijk zijn groot, stelt LTO. Opvolgers weten niet welke fiscale gevolgen een BV-inbreng tijdens gefaseerde overdracht heeft. Daardoor zullen trajecten stilvallen en worden geplande bedrijfsoverdrachten uitgesteld. De financiële gevolgen kunnen fors zijn. Bij een gemiddeld bedrijf gaat het al snel om honderdduizenden euro’s. LTO Nederland roept de staatssecretaris van Financiën en de Tweede Kamer op om snel duidelijkheid te geven. Een mogelijke oplossing is, dat de staatssecretaris een besluit publiceert waarin wordt gesteld dat inbrenging in een BV tijdens een gefaseerde bedrijfsoverdracht hetzelfde behandeld dient te worden als een directe inbrenging in een BV, na afronding van een bedrijfsoverdracht. Op deze manier leiden verschillende paden met dezelfde uitkomst wél tot dezelfde fiscale behandeling. bron: AgriHolland #Familievrijstelling #Bedrijfsopvolging #AgrarischeSector #Belastingdienst #LTONederland
Bekijk meer
19 maart 2026
In de land- en tuinbouw is gefaseerde bedrijfsoverdracht een veelgebruikte route. Een overdracht kan soms wel meer dan vijftien jaar duren. Tijdens dit traject kan het nodig zijn dat de opvolger zijn of haar onderneming inbrengt in een BV. In deze situaties blijft de opvolger het familiebedrijf voortzetten, alleen via een ei gen BV. Het ligt volgens LTO dan ook niet voor de hand dat de familievrijstelling hierdoor zou vervallen. De organisatie wijst er op dat de staatssecretaris van Financiën eerder heeft aangegeven dat, wanneer een opvolger ná afronding van de gefaseerde overdracht zijn onderneming in een BV inbrengt, de familievrijstelling behouden blijft. Beide routes leiden tot dezelfde materiële uitkomst en dan ligt het voor de hand dat ook de fiscale behandeling daarvan gelijk is, aldus LTO. In het huidige ‘kennisgroepstandpunt’ van de Belastingdienst vervalt de familievrijstelling echter wanneer de onderneming tijdens gefaseerde overdracht in een BV wordt ingebracht. De gevolgen hiervan in de praktijk zijn groot, stelt LTO. Opvolgers weten niet welke fiscale gevolgen een BV-inbreng tijdens gefaseerde overdracht heeft. Daardoor zullen trajecten stilvallen en worden geplande bedrijfsoverdrachten uitgesteld. De financiële gevolgen kunnen fors zijn. Bij een gemiddeld bedrijf gaat het al snel om honderdduizenden euro’s. LTO Nederland roept de staatssecretaris van Financiën en de Tweede Kamer op om snel duidelijkheid te geven. Een mogelijke oplossing is, dat de staatssecretaris een besluit publiceert waarin wordt gesteld dat inbrenging in een BV tijdens een gefaseerde bedrijfsoverdracht hetzelfde behandeld dient te worden als een directe inbrenging in een BV, na afronding van een bedrijfsoverdracht. Op deze manier leiden verschillende paden met dezelfde uitkomst wél tot dezelfde fiscale behandeling. bron: AgriHolland #Familievrijstelling #Bedrijfsopvolging #AgrarischeSector #Belastingdienst #LTONederland
12 maart 2026
.Samen zetten wij ons in voor passende financieringsoplossingen die ondernemers écht verder helpen. Door onze kennis en ervaring te combineren, kunnen wij bedrijven ondersteunen bij hun groei en ambities. #Briqwise #ElsmanInternationalConsultants #samenwerking #financiering #bedrijfsfinanciering #ondernemerschap #groei
12 maart 2026
#Aardwarmteproject #Geothermie #HorstAanDeMaas #Duurzaamheid #Energietransitie #Nappa #Elsman
Bekijk meer