Eerste Kamer akkoord met herinvoering uitzendvergunning

De Eerste Kamer heeft de wet Wtta aangenomen. Uitzendbureaus die werknemers uitlenen mogen dit vanaf 2027 alleen met vergunning doen. 

De Eerste Kamer heeft de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) aangenomen. Uitzendbureaus en andere bedrijven die werknemers uitlenen mogen dit vanaf 2027 alleen als ze daarvoor een vergunning hebben.

De Wtta maakt een einde aan bijna 30 jaar vrijheid op de markt van arbeidsbemiddeling. Het afschaffen van de vergunningsplicht werd voorbereid en doorgevoerd onder de paarse kabinetten van Wim Kok. Deze deregulering had echter ook al snel tot gevolg dat vele duizenden bureautjes op niet altijd even betrouwbare manier de markt voor flexibele arbeid in de tuinbouw overspoelden.

De wet die nu is aangenomen moet zorgen voor betere bescherming van werknemers en in het bijzonder voor arbeidsmigranten. Dit kwam in de coronajaren pas goed op de politieke agenda toen kabinet-Rutte III Emile Roemer op pad stuurde met het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten.

Gelijk speelveld voor werkgevers
De Wtta moet eveneens leiden tot eerlijke concurrentie tussen bedrijven, zowel de uitleners als de inleners. Tuinbouwbedrijven hebben van meet af aan geklaagd over het ongelijke speelveld dat ontstond doordat collega-telers het er wél op waagden om met verdacht goedkope uitzenders. Zowel de uitzendorganisaties als de boeren- en tuindersorganisaties zijn dan ook blij met het weer reguleren van de uitzendsector. Wel wordt verwacht dat mede door deze wet de kosten voor arbeid omhoog gaan.

Kort na de eeuwwisseling schatte LTO Nederland het aantal malafide uitzendbureaus al op zo’n 10.000. Om het kaf van het koren te kunnen onderscheiden, kwam de RIA-lijst, een register van vrijwillig gecertificeerde arbeidsbemiddelaars. Die vrijwillige keurmerken, zoals SNA van Stichting Normering Arbeid, hebben er niet voor kunnen zorgen dat misstanden bij niet-gecertificeerde uitzenders tot het verleden zijn gaan behoren.

Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt
De uitvoering van de Wtta komt in handen van de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt. De NAU beslist over de toelating van uitleners. Ook verzamelt de autoriteit signalen uit de markt en adviseert over verbeteringen. Daarnaast wijst NAU de inspectie-instellingen aan die controleren of uitleners voldoen aan alle wet- en regelgeving. NAU start vanaf 2026 met de eerste werkzaamheden, zoals het aanwijzen van inspectie-instellingen en het openen van het aanmeldloket voor uitleners.

Bron: Gfactueel

#Wtta #Uitzendsector #Arbeidsmigranten #BeschermingWerknemers #Gelijkspeelveld #Tuinbouw #Glastuinbouw 


19 maart 2026
In de land- en tuinbouw is gefaseerde bedrijfsoverdracht een veelgebruikte route. Een overdracht kan soms wel meer dan vijftien jaar duren. Tijdens dit traject kan het nodig zijn dat de opvolger zijn of haar onderneming inbrengt in een BV. In deze situaties blijft de opvolger het familiebedrijf voortzetten, alleen via een ei gen BV. Het ligt volgens LTO dan ook niet voor de hand dat de familievrijstelling hierdoor zou vervallen. De organisatie wijst er op dat de staatssecretaris van Financiën eerder heeft aangegeven dat, wanneer een opvolger ná afronding van de gefaseerde overdracht zijn onderneming in een BV inbrengt, de familievrijstelling behouden blijft. Beide routes leiden tot dezelfde materiële uitkomst en dan ligt het voor de hand dat ook de fiscale behandeling daarvan gelijk is, aldus LTO. In het huidige ‘kennisgroepstandpunt’ van de Belastingdienst vervalt de familievrijstelling echter wanneer de onderneming tijdens gefaseerde overdracht in een BV wordt ingebracht. De gevolgen hiervan in de praktijk zijn groot, stelt LTO. Opvolgers weten niet welke fiscale gevolgen een BV-inbreng tijdens gefaseerde overdracht heeft. Daardoor zullen trajecten stilvallen en worden geplande bedrijfsoverdrachten uitgesteld. De financiële gevolgen kunnen fors zijn. Bij een gemiddeld bedrijf gaat het al snel om honderdduizenden euro’s. LTO Nederland roept de staatssecretaris van Financiën en de Tweede Kamer op om snel duidelijkheid te geven. Een mogelijke oplossing is, dat de staatssecretaris een besluit publiceert waarin wordt gesteld dat inbrenging in een BV tijdens een gefaseerde bedrijfsoverdracht hetzelfde behandeld dient te worden als een directe inbrenging in een BV, na afronding van een bedrijfsoverdracht. Op deze manier leiden verschillende paden met dezelfde uitkomst wél tot dezelfde fiscale behandeling. bron: AgriHolland #Familievrijstelling #Bedrijfsopvolging #AgrarischeSector #Belastingdienst #LTONederland
Bekijk meer
19 maart 2026
In de land- en tuinbouw is gefaseerde bedrijfsoverdracht een veelgebruikte route. Een overdracht kan soms wel meer dan vijftien jaar duren. Tijdens dit traject kan het nodig zijn dat de opvolger zijn of haar onderneming inbrengt in een BV. In deze situaties blijft de opvolger het familiebedrijf voortzetten, alleen via een ei gen BV. Het ligt volgens LTO dan ook niet voor de hand dat de familievrijstelling hierdoor zou vervallen. De organisatie wijst er op dat de staatssecretaris van Financiën eerder heeft aangegeven dat, wanneer een opvolger ná afronding van de gefaseerde overdracht zijn onderneming in een BV inbrengt, de familievrijstelling behouden blijft. Beide routes leiden tot dezelfde materiële uitkomst en dan ligt het voor de hand dat ook de fiscale behandeling daarvan gelijk is, aldus LTO. In het huidige ‘kennisgroepstandpunt’ van de Belastingdienst vervalt de familievrijstelling echter wanneer de onderneming tijdens gefaseerde overdracht in een BV wordt ingebracht. De gevolgen hiervan in de praktijk zijn groot, stelt LTO. Opvolgers weten niet welke fiscale gevolgen een BV-inbreng tijdens gefaseerde overdracht heeft. Daardoor zullen trajecten stilvallen en worden geplande bedrijfsoverdrachten uitgesteld. De financiële gevolgen kunnen fors zijn. Bij een gemiddeld bedrijf gaat het al snel om honderdduizenden euro’s. LTO Nederland roept de staatssecretaris van Financiën en de Tweede Kamer op om snel duidelijkheid te geven. Een mogelijke oplossing is, dat de staatssecretaris een besluit publiceert waarin wordt gesteld dat inbrenging in een BV tijdens een gefaseerde bedrijfsoverdracht hetzelfde behandeld dient te worden als een directe inbrenging in een BV, na afronding van een bedrijfsoverdracht. Op deze manier leiden verschillende paden met dezelfde uitkomst wél tot dezelfde fiscale behandeling. bron: AgriHolland #Familievrijstelling #Bedrijfsopvolging #AgrarischeSector #Belastingdienst #LTONederland
12 maart 2026
.Samen zetten wij ons in voor passende financieringsoplossingen die ondernemers écht verder helpen. Door onze kennis en ervaring te combineren, kunnen wij bedrijven ondersteunen bij hun groei en ambities. #Briqwise #ElsmanInternationalConsultants #samenwerking #financiering #bedrijfsfinanciering #ondernemerschap #groei
12 maart 2026
#Aardwarmteproject #Geothermie #HorstAanDeMaas #Duurzaamheid #Energietransitie #Nappa #Elsman
Bekijk meer