MEI-regeling verplicht zonnepanelen op nieuwbouwkassen bij teelt zonder daglicht

Staatssecretaris Erkens van Landbouw stelt nieuwe eisen aan zonnepanelen op kassen in de gewijzigde MEI-subsidieregeling voor de glastuinbouw. De regeling opent op 8 september met een budget van 8,5 miljoen euro.

De subsidieregeling Marktintroductie energie-innovatie (MEI) subsidieert innovatieve energiesystemen in kassen die nog niet gangbaar zijn in de markt, bijvoorbeeld nieuwe soorten kasdekken die energie besparen of systemen die warmte, stroom en CO2-uitstoot in kassen slimmer beheren. De subsidie is daarmee beschikbaar voor glastuinders die willen investeren in innovatieve kas- of energiesystemen die de CO2-uitstoot verminderen.


Zonnepanelen verplicht
De regeling treedt in gewijzigde vorm in werking op 1 juli en staat open voor glastuinbouwbedrijven die willen investeren in zulke systemen.

De meest opvallende nieuwe eis betreft kassen met een kasdek dat geen licht doorlaat, zoals kassen voor kweek zonder daglicht en indoor farming. Voor die kassen geldt voortaan dat het kasdek zo volledig mogelijk met zonnepanelen moet worden bedekt, en dat de opgewekte energie voor minimaal 70 procent op jaarbasis in het eigen bedrijf wordt gebruikt. Dit percentage is vastgesteld op 70 procent om rekening te houden met fluctuaties tussen opwek en verbruik en de beperkingen van energieopslag. De investering in de zonnepanelen zelf valt buiten de subsidie. Daarnaast moet de aanvrager aantonen dat er onder het donkere kasdek een economisch rendabele teelt mogelijk is.


Ruimere definitie
Een tweede belangrijke wijziging is de verruiming van de definitie van een zogeheten kasenergiesysteem, de technische kern van de regeling. Voorheen viel daaronder alleen apparatuur en machines. Voortaan worden ook energiebesparende constructies aan de kas zelf, zoals innovatieve kasdekken en isolerende aanpassingen, als subsidiabel beschouwd. Dat biedt kwekers meer mogelijkheden om subsidie aan te vragen voor aanpassingen die de kas als geheel efficiënter maken.

Tegelijkertijd wordt de definitie van teeltsystemen gesplitst in 2 categorieën: systemen voor productie van gewassen enerzijds, en systemen voor oogst en verwerking anderzijds. Alleen productiesystemen die direct bijdragen aan energiebesparing komen nog voor MEI-subsidie in aanmerking. Systemen die puur gericht zijn op logistiek of arbeidsbesparing vallen voortaan buiten de regeling.


Strengere nieuwbouweisen
Voor kwekers die een nieuwe kas bouwen, gelden striktere voorwaarden. Een nieuwbouwkas moet al voldoen aan de geldende basisnormen voor isolatie en lichtafscherming voordat er voor aanvullende energiesystemen subsidie kan worden aangevraagd. Zo wordt voorkomen dat de MEI-subsidie terechtkomt bij kassen die de gewone bouwstandaard nog niet halen.

Voor alle investeringen in een kasenergiesysteem, zowel bij bestaande bouw als nieuwbouw, geldt als nieuwe voorwaarde dat het systeem moet leiden tot minimaal 25 procent reductie van de CO2-uitstoot en minimaal 15 procent besparing op het primaire energieverbruik, vergeleken met de situatie vóór de investering.


Maximaal 10 aanvragen
Om het innovatieve karakter van de regeling te bewaken, wordt het maximumaantal gehonoreerde aanvragen per type systeem verlaagd van 15 naar 10. Zodra voor een bepaald type systeem al 10 aanvragen zijn goedgekeurd, komt een volgende aanvraag voor hetzelfde type niet meer in aanmerking. De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) beoordeelt daarbij of een systeem werkelijk vergelijkbaar is met eerder gesubsidieerde projecten, of dat het gaat om een wezenlijk andere toepassing die als nieuw wordt beschouwd.


Referentieverbruik flexibeler
De wijziging maakt het ook eenvoudiger om het energieverbruik vóór de investering te berekenen, wat nodig is om de besparing te kunnen aantonen. Als uitgangspunt geldt het gemiddelde energieverbruik over de afgelopen 3 jaar. Bij bestaande kassen wordt daarvoor de eigen energierekening gebruikt; bij nieuwbouw mag gebruik worden gemaakt van gegevens van een vergelijkbare bestaande kas. Als historische gegevens ontbreken, bijvoorbeeld bij een recente overname of omschakeling naar een ander gewas, mag een kweker gebruikmaken van de Kwantitatieve Informatie Glastuinbouw (KWIN), een jaarlijkse publicatie van Wageningen University & Research (WUR) met sectorgemiddelden per gewas.


Bron: Solar & Storage Magazine


#MEIsubsidie #kasenergiesysteem # CO2 #nieuwbouwkas #glastuinbouw #Elsman







4 juni 2026
Uit een werkgeverspeiling in de land- en tuinbouw blijkt dat in meerdere regio’s een groot tekort is aan huisvestingsplekken. LTO Noord, ZLTO, LLTB en Greenports Nederland roepen gemeenten en provincies op om snel meer ruimte te creëren.
Bekijk meer
4 juni 2026
Uit een werkgeverspeiling in de land- en tuinbouw blijkt dat in meerdere regio’s een groot tekort is aan huisvestingsplekken. LTO Noord, ZLTO, LLTB en Greenports Nederland roepen gemeenten en provincies op om snel meer ruimte te creëren.
7 mei 2026
Huisvesting van arbeidsmigranten drukt op de Cao Glastuinbouw: er is discussie over inhouding en partijen willen meer rijksregie.
16 april 2026
Glastuinbouw Nederland reageert op een persbericht waarin Natuur & Milieu (N&M) stelt dat nog steeds te veel bestrijdingsmiddelen in water terechtkomen. De aanleiding is het rapport ‘Chemievrije teelt als antwoord op te veel bestrijdingsmiddelen in het water rondom kassen’ dat de natuurorganisatie deze week publiceerde (onderaan dit artikel te downloaden). N&M stelt dat extra stappen nodig zijn om de waterkwaliteit rond kassen te verbeteren. Volgens voorzitter Adri Bom-Lemstra van Glastuinbouw Nederland heeft de glastuinbouwsector diezelfde conclusie eerder al getrokken. Dat resulteerde in een actieplan met diverse extra maatregelen. ‘Het rapport van N&M beschouwen we dan ook als een bevestiging dat we op de goede weg zijn.’ Normoverschrijdingen nemen af Uit onderzoek van N&M blijkt dat de normoverschrijdingen afnemen. Een trend die Glastuinbouw Nederland herkent en die overeenkomt met de landelijke meetnetgegevens. ‘Waar het om de ecologische staat van het oppervlaktewater gaat, maken we wel de kanttekening dat er meer factoren zijn die deze beïnvloeden dan alleen gewasbeschermingsmiddelen’, aldus Bom-Lemstra. ‘Uit onze praktijkervaring weten we dat de duiding van aangetroffen stoffen erg lastig is’, vervolgt de Glastuinbouw Nederland-voorzitter. ‘We zien steeds meer stoffen waarvan het gebruik door de glastuinbouw onwaarschijnlijk is. Daarover zouden we graag over in gesprek gaan met N&M.’ Bedrijven certificeren Als voorbeelden van maatregelen die de glastuinbouw neemt, noemt Bom-Lemstra het actieplan ‘Waterkwaliteit in glastuinbouwgebieden’ en de projecten Watercoach, Transparante Tuinders en Waterkracht. Deze projecten vinden ook plaats in glastuinbouwgebieden waarin geen meetpunt van het landelijk meetnet is. Daarnaast onderzoekt de sector of het mogelijk is om glastuinbouwbedrijven die volledig lekdicht zijn en geen emissies naar het milieu hebben, te certificeren. Bij de uitvoering van de extra maatregelen werkt de sector nauw samen met het Platform Duurzame Glastuinbouw (PDG). Dit is een samenwerkingsverband tussen het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de Unie van Waterschappen, provincies, gemeenten en Glastuinbouw Nederland. Het PDG wil onder andere meer inzet op risicogestuurd toezicht en handhaving, om telers te prikkelen tot verbeteringen. Ook dat is volgens Bom-Lemstra in lijn met de aanbevelingen in het rapport van N&M. Terugdringen chemiegebruik Om lekkages van gewasbeschermingsmiddelen uit kassen aan te pakken, adviseert N&M de bron van die emissies aan te pakken en het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen af te bouwen. In haar reactie wijst Bom-Lemstra erop dat de sector fors inzet op het terugdringen van het chemiegebruik. ‘Het project 100% Groen Geteeld is daarvan een voorbeeld.’ Wel voegt de voorzitter van Glastuinbouw Nederland eraan toe dat haar organisatie genuanceerd kijkt naar het gebruik van chemie. ‘Een beperkte inzet kan een groot verlies van opbrengst voorkomen. Wel moeten we ervoor zorgen dat die middelen niet in het milieu terechtkomen.’ Voor een aantal ziekten en plagen is volgens Bom-Lemstra nog geen groene oplossing beschikbaar. ‘We roepen N&M daarom op om samen met ons te werken aan het sneller beschikbaar krijgen van groene middelen.’ Glastuinbouw Nederland reageert op een persbericht waarin Natuur & Milieu (N&M) stelt dat nog steeds te veel bestrijdingsmiddelen in water terechtkomen. De aanleiding is het rapport ‘Chemievrije teelt als antwoord op te veel bestrijdingsmiddelen in het water rondom kassen’ dat de natuurorganisatie deze week publiceerde (onderaan dit artikel te downloaden). N&M stelt dat extra stappen nodig zijn om de waterkwaliteit rond kassen te verbeteren. Volgens voorzitter Adri Bom-Lemstra van Glastuinbouw Nederland heeft de glastuinbouwsector diezelfde conclusie eerder al getrokken. Dat resulteerde in een actieplan met diverse extra maatregelen. ‘Het rapport van N&M beschouwen we dan ook als een bevestiging dat we op de goede weg zijn.’ Normoverschrijdingen nemen af Uit onderzoek van N&M blijkt dat de normoverschrijdingen afnemen. Een trend die Glastuinbouw Nederland herkent en die overeenkomt met de landelijke meetnetgegevens. ‘Waar het om de ecologische staat van het oppervlaktewater gaat, maken we wel de kanttekening dat er meer factoren zijn die deze beïnvloeden dan alleen gewasbeschermingsmiddelen’, aldus Bom-Lemstra. ‘Uit onze praktijkervaring weten we dat de duiding van aangetroffen stoffen erg lastig is’, vervolgt de Glastuinbouw Nederland-voorzitter. ‘We zien steeds meer stoffen waarvan het gebruik door de glastuinbouw onwaarschijnlijk is. Daarover zouden we graag over in gesprek gaan met N&M.’ Bedrijven certificeren Als voorbeelden van maatregelen die de glastuinbouw neemt, noemt Bom-Lemstra het actieplan ‘Waterkwaliteit in glastuinbouwgebieden’ en de projecten Watercoach, Transparante Tuinders en Waterkracht. Deze projecten vinden ook plaats in glastuinbouwgebieden waarin geen meetpunt van het landelijk meetnet is. Daarnaast onderzoekt de sector of het mogelijk is om glastuinbouwbedrijven die volledig lekdicht zijn en geen emissies naar het milieu hebben, te certificeren. Bij de uitvoering van de extra maatregelen werkt de sector nauw samen met het Platform Duurzame Glastuinbouw (PDG). Dit is een samenwerkingsverband tussen het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, de Unie van Waterschappen, provincies, gemeenten en Glastuinbouw Nederland. Het PDG wil onder andere meer inzet op risicogestuurd toezicht en handhaving, om telers te prikkelen tot verbeteringen. Ook dat is volgens Bom-Lemstra in lijn met de aanbevelingen in het rapport van N&M. Terugdringen chemiegebruik Om lekkages van gewasbeschermingsmiddelen uit kassen aan te pakken, adviseert N&M de bron van die emissies aan te pakken en het gebruik van chemische gewasbeschermingsmiddelen af te bouwen. In haar reactie wijst Bom-Lemstra erop dat de sector fors inzet op het terugdringen van het chemiegebruik. ‘Het project Wel voegt de voorzitter van Glastuinbouw Nederland eraan toe dat haar organisatie genuanceerd kijkt naar het gebruik van chemie. ‘Een beperkte inzet kan een groot verlies van opbrengst voorkomen. Wel moeten we ervoor zorgen dat die middelen niet in het milieu terechtkomen.’ Voor een aantal ziekten en plagen is volgens Bom-Lemstra nog geen groene oplossing beschikbaar. ‘We roepen N&M daarom op om samen met ons te werken aan het sneller beschikbaar krijgen van groene middelen.’ Bron: Nieuwe Oogst #Glastuinbouw #Waterkwaliteit #Gewasbescherming #DuurzameTeelt #GroeneMiddelen #Elsman
Bekijk meer